Druiven moeten voldoende diep kunnen wortelen. Dit is een voorwaarde voor een harmonische groei en goede weerstand tegen schimmelziekten.

Druiven hebben wortels die diep de grond in gaan. Wanneer de grond verdicht is, kan losmaken noodzakelijk zijn. In het Westland was het bij de druiventeelt gebruikelijk om de grond twee tot drie steken diep te spitten. Dat werd 'overteilen' genoemd. Hierbij werd ook oude mest of compost in diepere lagen ingebracht. Het diep losmaken voor druiven stamt al uit de Romeinse tijd. Het belang ervan wordt dus al heel lang ingezien. Bij overwegen om het nu toe te passsen is het wel van belang middels een kuil eerst te beoordelen of het echt nodig is. Wanneer een diepe beworteling al aanwezig is, kan diep losmaken ook veel schade veroorzaken. Op wereldbodemdag, 5 december 2013, werd de oude weinbergsböden in Duitsland tot bodem van het jaar 2014 gekozen.

Weinbergsböden in Duitsland. Bodem van het jaar in Duitsland in 2014 (www.dbges.de )

Interessant zijn de zeer oude bodems op hellingen in Duitsland. Deze stammen deels uit de Romeinse tijd. Het voortbestaan staat enigszins onder druk, omdat tegenwoordig de voorkeur wordt gegeven aan vlak land voor de de druiventeelt. Om die reden zijn ze uitgeroepen tot bodem van het jaar. Interessant is dat ze vroeger om de 30 tot 80 jaar met de hand werden losgemaakt tot vaak 1 meter diepte. Tegenwoordig gaat dat mechanisch en worden ze om de 20 tot 40 jaar losgemaakt. Dit om een goede beworteling mogelijk te maken. Ze werden met organische mest bemest en zo ontstonden bodems die net als enkeerdgronden eigenlijk door de mens zijn gemaakt. Door de bouw van muren ontstonden vaak terrassen.

Bodem van het jaar: bodem onder druiven in Rheinland Pfalz


Bodembewerking in de wijnbouw rond 1030 na Chr.(Codec Aureus Epternacensis)