Fruit, druiven en boomteelt hebben alle drie diep doorwortebare gronden nodig. Bij boomteelt speelt er nog dat een deel van de organische met de bomen verdwijnt. Bij de aardbeienteelt vergt de beperking van de hinder door bodempathogenen veel aandcaht.

 Bij de voorbereiding van een perceel worden veel fouten gemaakt. Bodembewerking en eventueel gebruik van compost kunnen aan de hand van een profielkuil worden vastgesteld. Bij de rijstrook is de keuze van een groenbemester of een mengsel van groenbemesters een belangrijk thema. 

Druiven moeten voldoende diep kunnen wortelen. Dit is een voorwaarde voor een harmonische groei en goede weerstand tegen schimmelziekten.

Er zijn drie belangrijke gebieden met fruitteelt in Nederland. De Betuwe heeft de mooiste gronden. Dan volgt de zeeklei van Zuid-West Nederland. Tenslotte de Flevopolders. Het bodembeheer in de Flevopolders vergt extra aandacht omdat de groei gauw te weelderig wordt wat tot schimmelziekten van blad en vrucht en tot een weinig aromatische smaak leidt.

Om schimmelziektes en aaltjesschade te voorkomen is een goed doorwortelbare bodem met een evenwichtig bodemleven belangrijk. Lees hoe telers dat proberen te bereiken.